Met Papa in Africa

Aankomst in Lusaka

We komen 9 april 2014 aan. Het is niet eens echt heet, maar het is heerlijk de Afrikaanse lucht weer op te mogen snuiven.
Een chauffeur van Limo Hans, het bedrijfje waar we de Laro augustus 2013 hebben achtergelaten, wacht ons op en brengt ons naar ons Afrikaanse huis. Onderweg halen we Zambiaanse Kwacha, met ons gezin hebben we de regel, pinnen waar het kan, want je weet niet wanneer je weer geld kunt krijgen, we pinnen kwa 2.000,- . Ook rijden we direct langs het kantoortje van de verzekering om voor KWA 260,- een 3 maanden verzekering voor de auto af te sluiten.
Na een eerste snelle inspectie rijden we direct weg naar de dichstbijzijnde camping maar na 500 meter ruik ik gesmolten plastic en komt er rook uit het dashboard. We zetten de auto in het stikdonker langs de weg en ik trek met geweld de accu polen los. Ik laat papa water zoeken voor het geval de laro in de brand mocht vliegen. De rook trekt weg en ik besluit alle connectoren die ik in het donker achter het dashboard kan vinden los te trekken.

IMG_0049We starten de motor en de stank komt niet terug. We rijden naar de geplande Eureka campsite. Hier hebben we vorig jaar slechte ervaringen gehad omdat er Overlanders overnachten. Dit zijn trucks vol toeristen die op deze manier africa doorrijden. Alles wordt voor ze gedaan en meestal zijn ze lawaaiige en maken tot laat lawaai. Het is nu april en er is geen toerist te bekennen.

De volgende morgen regent het en dat blijft het totdat we wegrijden uit Lusaka over drie dagen ook steeds doen. Met Kirstin en de jongens hebben we nog nooit regen gehad stel ik nu vast. Alle stoelen en de tent zijn nat en onze tent blijkt helemaal niet waterdicht te zijn. De voorspelling zou zijn dat dit twee weken zo blijft. Ik heb er flink de pee in.
We gaan eerst op onderzoek uit in het dashboard en daar vinden we een verkoolde cruise control computer. Deze door de vorige eigenaar ingebouwde unit is compleet gesmolten, inclusief de kabel naar de dynamo. We verwijderen alles wat er mee te maken heeft en rijdens eerst eens Lusaka in, we halen voorveren voor de defender bij Tata lusaka en een internet bundel van 1Gb voor kwa 140,- Van vriend Okko hebben we een wifi GSM router gekregen en het blijkt ook in Zambia super te werken.
Vrijdag 11 april beginnen we vanaf 7 uur te sleutelen bij Dan, onderweg stel ik opnieuw vast dat de remmen heel erg slecht werken. Ik trap me een ongeluk. Dan heeft een garage en wil eigenlijk geen shittie Landrovers doen. We vertellen hem over de bijna brand en hij kijkt onder de motorkap. Hij vraagt of de remmen het wel doen. Na mijn ontkennende antwoordt laat hij zien dat door de rood gloeiende kabel ook de vacuumslang naar de rembekrachtiging is door gesmolten.
Geluk gehad dus. We mogen ook zelf sleutelen terwijl zijn mannen de meegebrachte schokbrekers en hier gekochte veren monteren. We zijn hier twee dagen aan het werk.

We monteren de vorig jaar gekochte tweedehandse daktent en verwijderen de in China gekochte dakkisten waar nu geen plek meer voor is. De slotjes van alle deuren worden vervangen en deze doen een week later niets meer. Tijdens het werk knalt ons dakraam, merken we dat de dieseltank lekt en ik hoor nog iets piepen. Het blijkt de 2 jaar geleden nieuw gemonteerde spanrol te zijn. Een nieuwe is niet te krijgen en die vraag ik Kirstin mee te nemen over twee weken. Een ritselaar regelt voor de helft van de nieuwwaarde een gebruikte, die ook blijkt te piepen. Ik blijk vorig jaar veel gereedschap mee naar Nederland te hebben genomen, maar Dan verkoopt ons graag zijn gebruikte gereedschap. We monteren ons duurste uit Nederland meegenomen speeltjes, led verstralers voor en led werklamp achter. We vervangen de complete richtingaanwijzer hendels en knipperlicht.

We vertrekken

We zijn om 6:00 uur wakker en ik maak koffie en gooi een paar eieren in de pan. We leven net als de afrikanen met de zon. Om 20:00-21:00 naar bed en on 6 uur uit onze daktent. Het is zaterdag en we laten een raam over onze geknalde dakraam plakken, die kan niet meer open. Het verkeer in hoofdstad Lusaka is vreselijk. Tweebaans file die ons direct al 2 uur kost. Na 70 kilometer asfalt op de Noord/Zuid weg slaan we rechtsaf, de reis begint want we duiken direct de zandwegen in met de beruchte potholes en gravel. Onderweg zien we Katoen, zonnebloemen, mais en een soort pepers/paprika’s. We doen 8 uur over 280km. Ik had als doel een prachtige plek op een totaal verlaten Wonder Gorge met uitzicht over drie rivieren. Helaas wordt het om 18 uur in 10 minuten stikdonker en rijden op deze wegen in het donker is totaal onverantwoord. We zetten ons tentje op tussen maisland. Het is muisstil, alleen de krekels zingen hun liedje. De volgende morgen meld een jongen zich bij ons met het verzoek aan ons om ons te melden bij de eigenaar van de grond.
We rijden naar een hutje 200 meter verderop en daar staat de hele familie ons op te wachten. We besluiten als dank voor de overnachting de oude kapotte stoel van Nick weg te geven. Papa is er heel erg blij mee en gaat er direct trots in zitten. Ze hebben geen “normale” bezittingen maar alleen dat wat de natuur hen geeft. Hutjes van leem en riet, maaltonnen uit hout en de mais en dors vlegel gedorst door het in de lucht te gooien waarna de wind de resten wegblaast en de korrel, schoon op de grond val. En dan zien we dat er een TV zender met zonnepanelen op een hut zitten. Er is TV en in een andere hut ligt een fiets uit elkaar. Ze hebben helaas niet de juiste wielmoer en ook geen binnenband. Jammer. Een dochter ligt ziek op de grond, ze blijkt malaria te hebben. We zoeken nog sms contact met onze huisarts  uit Lonneker maar hij zegt dat we met onze Malarone tabletten niets kunnen doen. Ze moet naar een lokaal ziekenhuis. De zoon rijdt met een kar met twee koeien ervoor het erf af.

We nemen afscheid en besluiten de laatste 20km naar Wonder Gorge af te leggen. De weg is helemaal dicht gegroeid en het gras is soms wel 3 meter hoog. We zoeken met behulp van de Garmin GPS het pad. De routes heb ik gekocht via Tracks4Africa en bestaan uit tracks van andere toeristen die deze uploaden, waarna de volgende rijder ze kan gebruiken.
Wonder Gorge blijkt een prachtige plek en na een korte wandeling komen we op het puntje van het ravijn. Fantastisch maar wel jammer dat we de zonsondergang gisteravond gemist hebben.
We nemen ons voor bij een electriciteitscentrale van de Chinezen te gaan kijken. Dit zal ongeveer 2 uur rijden zijn. Onderweg pikken we 4 kinderen op die graag met ons meerijden. Met een paar zware zakken (25kilo stuk) op ons dak rijden we weg. Ze spreken geen engels maar als we vragen of ze er al uit moeten wijzen ze steeds naar voren. Na 30 km komen we bij een dorpje van stro hutten. Hier vinden we iemand die Engels spreekt en na overleg met de jongens horen we dat ze er 25 km geleden al uit hadden gemoeten. Papa besluit achter te blijven en de engelssprekende Zambiaan stapt naast me in. Onderweg blijken we nog een zak te hebben verloren dus ik rijdt nog eens 5km heen en terug. Ondertussen dus 6 keer deze route gereden en helemaal kapot van het rijden op deze slechte weken.
Bij terugkomst blijkt papa het naar zijn zin te hebben gehad. Hij heeft de lokalen op een drankje getrakteerd. Eén van de mannen heeft een flesje Blackbird gedronken. 200ml met 43% alcohol, papa is zwaar onder de indruk.
Over een uur wordt het donker dus we besluiten in het dorpje te blijven. De engelstalige man blijkt een ontzettend aardige kleermaker te zijn. Hij helpt bij het solderen van de draden voor de nieuwe lampen en blijkt hier heel goed in te zijn. Hij eet met ons mee en tegen 19 uur komt zijn vrouw en zoon lopend aan. Ze blijken die dag een boodschap te hebben gedaan en hebben 13 uur gelopen! Ze hebben een fiets, maar deze wordt als pakezel gebruikt voor al het zware spul. Afrikanen gebruiken vaak hun fiets als pakvoertuig en lopen er dan zelf naast.
De volgende morgen helpt de kleermaker onze de gescheurde rits in de daktent te repareren en ik klus nog iets aan de auto terwijl papa afwast en opruimt.
Er verzamelen zich lokalen rondom ons en we krijgen de vraag of een we een heel ziek kind kunnen genezen. Helaas, papa en ik kunnen daar niets mee. Ook dit is trouwens wel typisch Afrikaans.
We skippen de waterkrachtcentrale en gaan richting Mutinondo. Een lange hobbel gravel weg waar we steeds weer lifters meenemen. Papa filmt en fotografeert typisch Africaanse zaken. Mannen die met een lang mes het bermgras maaien, vrouwen die met 30 kilo water op hun hoofd van pomp naar hut lopen. Soms bergop met in beide handen nog eens 5 kilo water. Het klotsende water maakt ze helemaal nat. Mannen die rond een vuurtje zitten en belangrijke dingen bespreken. Het is inmiddels 34 graden en we hebben blijkbaar de regen echt in Lusaka achter ons gelaten. We stoppen voor een paar vette oliebollen, vorig jaar is Nick er ziek van geworden maar dit keer gebeurt ons niets. Een moeder met een kind in een doek op haar rug rijdt nog eens 40km mee. We rijden inmiddels weer op de Noord/Zuid route en moeten over 30 km rechts het pad af naar Mutinondo. We zien echter op de gps een klein weggetje rechtsaf die ook precies daar uit komt waar we moeten zijn. We nemen het risico en worden na 2 meter al verrast door meters hoog gras maar we rijden toch door. Na een uur rijden over dit pad waar blijkbaar dit jaar nog niemand is geweest komen we bij een riviertje, 300 meter van Mutinondo. Hier zien we dat de brug ivm het regenseizoen vorig jaar is weggehaald en nog niet weer is opgebouwd. Dikke pech, we moeten het hele, zeer zwaar te rijden pad, weer terug en vervolgens alsnog de normale weg nemen. 2 uur later komen we 5 minuten voor zonsondergang aan en we rennen DE mooiste plek in de buurt voor een zonsondergang op. De rotsen van Mutinondo. Ik drink een biertje en papa zijn Amarula, onze sundowner. We douchen in het donker en wassen tijdens het douchen onze kleren.
De volgende morgen zijn we om 5:30 uur wakker om de zonsopgang te zien. We nemen het benzine kooktoestel mee en zetten koffie op de rots. Nu willen direct zus Marion bellen. Ze is vandaag 44 geworden. Helaas hebben we al uren geen netwerk dekking dus dat moet wachten tot we later in Mpika zijn, de grote stad.IMG_0077
Na ons aangemeld te hebben bij de receptie, we zijn de enige campinggasten, wil ik papa toch ook echt een waterval, typerend voor de Montinondo omgeving, te laten zien dus we gaan aan de wandel.
Na nog wat gepruts aan de auto vertrekken we om 11 uur. In de buurt van Mpika hebben we weer gsm ontvangst en bellen Marion. In de stad kopen we diesel, halen geld slaan brood in. Papa wil graag bananen en appels kopen. We maken kennis met Pastoor Thomas uit Duitsland die hier al 30 jaar een missiepost runt. We vragen hem of we South Luangwa door kunnen. Het is nog te vroeg in het seizoen en het regenseizoen is net afgelopen. Pastoor Thomas zegt dat het absoluut onmogelijk is om uberhaubt de eerste 80km tot aan de gate af te ronden omdat de Black Cotton Soil, de zwarte klei, erg nat is en je er volledig in weg zakt. Het is impossible en nogmaals impossible. Maar ja, papa en ik zijn beide positivo’s en eigenwijs, en dus is onmogelijk gelijk aan misschien. Tja en misschien is ja. Dus… we kijken elkaar stiekum aan, we gaan. Pastoor Thomas biedt ons aan mee te nemen en we genieten van een lokale maaltijd. Mais pap, kip en wat groente. Daarna vertrekken we met een laatste waarschuwing van de heilig man, maar niet naar South Luangwa maar naar het noordelijke broertje. Op de rammelweg er naar toe nemen we weer een stel met 2 kids mee. Bij de gate aangekomen zijn de officers volledig verrast. We blijken de eerste gasten te zijn en het doorkruisen van het park is onmogelijk. We spreken af morgen verder te spreken en overnachten achter de gate in de Natwange Camp site. Ook daar is nog op geen toerist gerekend. Geen water, geen toilet en geen douche. Uit het register blijkt dat er sinds ons bezoek 13 juli 2013 slechts 30 gasten zijn geweest. We staan aan de rivier en krijgen de waarschuwing dat er krokodillen kunnen zitten en we zien nijlpaard sporen in de bedding direct voor onze plek. De baboons, grote apen, komen op onderzoek maar de katapult van Kris en Nick zorgt dat ze direct op afstand blijven. We maken eten en proosten op Marion’s verjaardag. Op tijd naar bed want morgen gaan we het onmogelijke doen.

We melden ons als afgesproken om 7 uur bij de Gate. We vertellen nogmaals dat we Nederlanders zijn maar dat we Frankfurt goed kennen. Frankfurt is het toverwoord want dat is de hoofdsponsor van dit park. De officers vertellen ons nu dat we wel het park in mogen maar dat we niet ver zullen komen. En in North Luangwa moet er een gids mee in onze auto. Eleisa blijkt een jonge aardige vent die met zijn 375Kaliber tjechische geweer bij ons achter in stapt.
>20140418-123448.jpg
Na 30 kilometer hele slechte weg waarover we slechts in lage giering in de 1ste tot 3de versnelling kunnen rijden komen we na veel geschut bij de airstrip. Ons laatste punt in de “bewoonde” wereld. Volgens de officers is de weg onbegaanbaar en zullen we zo weer terug zijn. We rijden door en na enkele kilometers komt een lange afdaling, we gaan van 1.500 naar ongeveer 1000 meter en moeten de Lubonga rivier oversteken. Vorig jaar zijn we hier in het droge seizoen in juli al door geweest maar nu staat het water nog iets over. Maar we starten de doorwading langzaam en de rivierbodem en bedding zijn bedekt met alleen maar 5cm dikke ronde keien, tijdens het rijden wil de differentieel sper, diff lock, activeren en merk tot mijn grote schrik dat deze niet werkt. IMG_0113We halen de overkant en glijden en slippen over de rollende ondergrond. Uiteindelijk lukt het ons na een paar pogingen de rivierbedding te verlaten maar ik baal echt enorm. Om de rivier in te komen hebben we een hele stijle duik van de weg genomen en hoe komen we deze zonder diff lock weer op? 100 meter verderop maken we kennis met de beruchte Black Cotton Soil, het is maar een stukje van 10 meter maar we kunnen onmogelijk doorrijden. Met onze bewaker zoeken we een route langs het pad. We halen een boompje weg en met veel geslip komen we deze omweg door. We zijn onderweg in het onmogelijke deel van het pad. Vanaf nu gaat het eigenlijk heel goed. Het is 34 graden en droog. Het landschap is onherkenbaar tov vorig jaar, alles is groen en het gras is heel lang. Het is vrijwel onmogelijk om wild te zien. Uiteindelijk komen we bij de volgens ons wel 150 meter brede rivier. De ponton veerboot ligt pas vanaf juni in het water. We hebben het rode gevaar zien liggen, het zijn lege olietonnen met rijplaten erop. Het lijkt me doodeng het te gebruiken als het in het water zou liggen. Voor ons liggen 50 nijlpaarden in het water af te koelen. Dat betekend dat het water ongeveer 120cm diep zal zijn. Dit is dus echt onmogelijk. Na een nuddelsoepje op ons benzine kooktoestel draaien we om en rijden terug.
We komen toch een keer vast te zitten in de zwarte klei maar met de lier zijn we in 5 minuten los. Zonder een lier had ik nu echt peentjes gezweet. Niemand die ons, eigenwijze boerenpummels, komt redden.
We bereiken de rivier en met het zweet in mijn bilnaad beginnen we de doorwading. Ik besluit heel schuin de rivier op te rijden, en met meer snelheid dan me lief is lukt het toch om zonder lier in 1x de rivier uit te komen. Gelukt! ik ben nat van zweet en papa is beretrots op zijn zoon. Ik vindt dat de laro de credits heeft verdient en niet ik.
We bereiken net voor duisternis weer ons kamp en we eten boereworst, macaroni, witte bonen in rode saus en twee gesneden tomaten. In ons koelkastje ligt nog een koud biertje en de laatste yoghurt. Helemaal kapot gaan we vroeg naar bed.

20140418-123511.jpg

2 thoughts on “Met Papa in Africa

  1. Jezus wat een cool verhaal. Ik zie dat jullie veel plezier hebben! Geniet ervan en doe geen domme dingen!!

    Groeten van de Fam. Veger

  2. Mooi verhaal Vincent!! Genieten zo met je pa. Nog een paar dagen en dan weer compleet!

Comments are closed.